Digitalisering in Oost-Duitsland: Silicon Saxony?

Digitalisering is hot, zeker ook in de Duitse landbouw! Termen als precisielandbouw, robotica en 5G vliegen in het rond. Er wordt veel budget beschikbaar gesteld, door zowel bond als de deelstaten, om digitalisering te bevorderen. Zo worden er in Saksen grote proefvelden met een totale grootte van 500 hectare opgezet om deze omslag te stimuleren. Dat klinkt veelbelovend, maar waarom juist in Saksen en hoe ziet het digitaliseringslandschap er daar uit? 

Beeld: jeshoots.com

Saksische landbouw in een notendop

In de DDR was de landbouw van Saksen net als in de andere voormalig Oost-Duitse deelstaten verdeeld in collectieve boerderijen (Landwirtschaftliche Produktionsgenossenschaften, LPGs) van gemiddeld 5000 hectare, naar het model van de Kolchozen in de Sovjet-Unie. Vandaag de dag is de grootschaligheid van de bedrijven nog steeds zichtbaar: 45 procent van de bedrijven is groter dan 1.000 hectare. Boerenfamilies zijn zelf vaak bedrijfsleider, maar bezitten het bedrijf niet. Vanwege de vruchtbare bodem in Saksen hebben akkerbouwers lagere kosten dan veel binnenlandse concurrenten en verdienen daarom momenteel goed. Wel spelen stijgende pachtprijzen een grote rol spelen in de bedrijfsvoering . De melkveehouderij wordt geconfronteerd met lage melkprijzen en hoge kosten, waardoor weinig budget over is om te innoveren.

De huidige internetvoorzieningen in Saksen zijn slecht, maar gelden wel als één van de betere in Oost-Duitsland. Voornamelijk in en rond de steden Dresden, Chemnitz en Leipzig zijn goede internetvoorzieningen te vinden. Het overgrote deel van de huishoudens op het platteland – en daarmee in de landbouw – heeft geen toegang tot een betrouwbare en snelle internetverbinding. Minder dan driekwart van de huishoudens op het platteland beschikt niet over 100 Mbps, wat ongeveer nodig is voor een goede agrarische bedrijfsvoering. Boeren zijn daarom nog niet echt enthousiast over de nieuwe experimenteervelden, omdat ze het toch niet kunnen betalen of kunnen implementeren in hun bedrijfsvoering. Prioriteiten zijn het in stand houden van hun bedrijfsvoering met lage melkprijzen en stijgende kosten van energie, arbeid en landgebruik.

Experimenteervelden

Sinds 2018 is Saksen, samen met de Bondsminister voor Voedsel en Landbouw Julia Klöckner (CDU), onder grote mediabelangstelling gestart met twee nationale “digitale experimenteervelden”: “EXPRESS” en “Landnetz”. In totaal heeft BMEL 60 miljoen euro beschikbaar gesteld voor digitalisering in de landbouw voor de experimenteervelden over heel Duitsland. Een deel hiervan is bestemd voor onderzoeken bij onder andere de TU Dresden, Universiteiten Leipzig en Chemnitz en het Fraunhofer Instituut. Hierbij wordt ook nauw samengewerkt met private partijen als Nokia en Vodafone.

Op de experimenteervelden wordt onder andere getest met kleine, zelfrijdende tractoren waardoor de efficiëntie toeneemt: precisielandbouw pur sang. Een ander thema is gewasbescherming. Men onderzoekt ook hoe met zo weinig mogelijk milieuschade landbouw kan worden toegepast, waarvan ook de wijn- en tuinbouw financieel kan profiteren. Doel is ook om de Saksische waterkwaliteit te verbeteren. Het grondwater is op sommige locaties erg vervuild vanwege de bruinkoolmijnen. Misschien nog wel belangrijker voor het Staatsministerie van Plattelandsontwikkeling is dat er krimp optreedt in de regio: burgers en bedrijven vertrekken. Daarom kijkt men hoe digitalisering zo efficiënt en snel mogelijk kan worden doorgevoerd, om de leef- en werkbaarheid van het platteland te vergroten.

De Staatsminister voor Milieu en Voedsel Thomas Schmidt had  al eerder in Saksen de innovatiehub SIMUL+ opgericht.  Doel is om innovatie te koppelen aan regionale ontwikkeling. Zo kunnen toekomstideeën voor de agrosector meteen vorm krijgen en onderzoekt men samen hoe digitalisering op verschillende manieren de omgeving en het milieu kunnen ondersteunen. Dat verbetert ook het inzicht in de voedselketens.

Wisseling van politieke wacht

Sinds de deelstaatverkiezingen van 2019 is er een nieuwe overheid in Saksen en is er voor het eerst in 30 jaar een groene Landbouw- en milieuminister:  Wolfram Günther. De digitalisering in de landbouw wordt vrijwel niet beschreven in het nieuwe coalitieakkoord. Lopende projecten zullen worden afgerond, maar het is onduidelijk wat er daarna gebeurt.  De verantwoordelijkheid voor digitalisering van landbouw en platteland ligt nu bij drie verschillende Staatsministers – op het gebied van landbouw, verkeer en plattelandsontwikkeling – en daarmee bij drie verschillende politieke partijen.

Kortom, het ontbreekt in Saksen nog aan een integrale strategie op het gebied van digitalisering. Waarschijnlijk zullen de lopende projecten worden afgerond, maar wanneer en hoe de digitaliseringsstrategie van Saksen wordt doorgezet is onbekend. De situatie in Saksen zal op de voet worden gevolgd door de ambassade en wanneer er nieuwe vorderingen zijn, zullen deze uiteraard worden gerapporteerd.

Over de auteur

Jesse Schevel heeft van oktober 2019 tot maart 2020 stage gelopen op de afdeling Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit van de Nederlandse ambassade in Berlijn. Als onderdeel van zijn studie Bestuurskunde aan de TU Delft heeft hij vanuit Berlijn het agrarische digitaliseringsbeleid van Duitsland onder de loep genomen. Over de stand van de digitalisering in Nedersaksen en Saksen-Anhalt verschijnen twee afzonderlijke artikelen.