Denemarken: meer lokale eiwitten in veevoer

De veehouderij heeft een grote invloed op het klimaat, vooral als het gaat om veevoer. Denemarken importeert net als Nederland veel soja uit voornamelijk Zuid-Amerika, dat terechtkomt in de veehouderij. Het land is hard op zoek naar alternatieve lokale bronnen van eiwitten voor de veehouderij.

De invloed van geïmporteerde veevoergrondstoffen heeft op verschillende manieren impact op zowel mens als klimaat. Ten eerste vereist de import van soja uit Zuid-Amerika een lang transport. Daarnaast draagt de Deense import van soja rechtstreeks bij aan een snel voortschrijdende ontbossing in onder andere Argentinië. Een derde deel van het in Denemarken gebruikte soja wordt uit dit ontboste gebied geïmporteerd. De ontbossing als gevolg van de verbouwing van sojabonen beslaat een gebied dat 23 keer groter is dan Denemarken zelf.

Voedselzekerheid

Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties

Rechten bedreigd

Niet alleen vermindert de ontbossing de capaciteit van de aarde om broeikasgassen uit de lucht op te nemen, maar hiermee worden ook de rechten van de lokale bevolking bedreigd. Zo worden zij blootgesteld aan gevaarlijke gifstoffen die worden gebruikt tijdens de verbouwing van soja. En de bewoners kunnen niet langer zelf de grond bewerken en zo in hun eigen voedsel voorzien. Zo wordt de lokale bevolking bovendien gedwongen hun woongebied te verlaten.

´Proteins for the future´

De Deense regering is zich bewust van de negatieve gevolgen van de soja-import en wil graag koploper zijn op het gebied van duurzame lokale eiwitproductie. De regering heeft een nationaal panel voor bio-economie aangesteld om nieuwe bronnen van duurzaam geproduceerde eiwitten te identificeren. In een rapport getiteld ´Proteins for the future´ (eiwitten voor de toekomst) geeft het panel aan dat op korte termijn al tot een derde deel van de geïmporteerde eiwitten voor de veehouderij te vervangen is door duurzame eiwitten van lokale initiatieven.

Lokale initiatieven ondersteunen

Naar aanleiding van dit rapport is een plan van aanpak opgesteld om deze lokale initiatieven te ondersteunen. De Deense minister van Milieu en Voedselwaren Jakob Ellemann-Jensen geeft bovendien aan dat “de ontwikkeling van nieuwe duurzame eiwitten kan bijdragen aan het vervullen van de Duurzame Ontwikkelingsdoelen van de Verenigde Naties.”

Er wordt in Denemarken al veel onderzoek gedaan naar alternatieve bronnen van eiwitten voor veevoer. Het gaat dan vooral om het vervaardigen van eiwitpoeder uit gewassen als luzerne, rode klaver, erwten en tuinbonen. Maar de toekomstige eiwitten kunnen ook worden gevonden in onder andere mosselen, zeesterren, insecten, zeewier en het overschot van de voedselproductie.

Voedselzekerheid

De Deense plannen voor de overstap naar plantaardige eiwitten. (foto: Renske Nijland)

Uit gras geperste eiwitten

Uit recent onderzoek door de Aalborg Universiteit Kopenhagen blijkt dat 6 tot 13 kilo aan droge plantaardige eiwitten vervaardigd kunnen worden uit een ton aan verse gewassen. Het bleek dat uit rode klaver en luzerne de hoogste concentratie eiwitten kan worden gewonnen. Bovendien maakt de aanwezigheid van melkzuur dit product nog aantrekkelijker in vergelijking met de typische soja-producten. Het alternatieve product is op dit moment nog niet erg concurrerend met de huidige eiwitbronnen voor veevoer, vooral vanwege de kosten van het productieproces, maar de resultaten lijken veelbelovend.

BioValue

Een organisatie die zich veel bezighoudt met de vervaardiging van eiwitten uit grassoorten is het Deense BioValue. Deze organisatie brengt academici en bedrijven samen om duurzame technologieën te ontwikkelen om plantmateriaal om te zetten in eiwitten. Zo is uit dit initiatief een technologie ontwikkeld om een eiwitrijke substantie te scheiden uit gras door middel van een persapparaat. Dit apparaat verdeelt het ruwe materiaal, zoals de vers gemaaide gras of klaver, in een droog vezelrijk deel en een vloeibaar eiwitrijk deel. De eiwitten kunnen vervolgens uit de vloeibare substantie gehaald worden en gedroogd worden tot eiwitpoeder. Dit poeder kan daarna in het veevoer worden gemengd.

Iets soortgelijks kwam voort uit het Deense onderzoeksproject OrganoFinery. Daarin is een manier gevonden om eiwitten te halen uit rode klaver. Het concentraat dat uit de klavermassa wordt geperst bevat ongeveer 40% eiwitten en heeft een soortgelijke samenstelling van aminozuren als soja. Het is daarmee uitermate geschikt als een lokaal geproduceerd alternatief. Door het geperste sap te verwarmen tot rond de 40°C en vervolgens te verzuren, blijven de eiwitten goed bewaard. Dit sap kan zowel voor veevoer als voor biogas worden gebruikt en zelfs in de farmaceutische industrie worden benut.

Voedselzekerheid

Bezoek aan BioValue (foto: Renske Nijland)

Potentieel voor de toekomst

Uit gesprekken met gewassentelers en veehouders blijkt dat de wens om over te stappen naar graseiwitten wel aanwezig is, maar dat er nog vraagtekens geplaatst worden bij de financiële haalbaarheid. Zo is het verbouwen van klaver minder winstgevend dan vele andere gewassen, zoals zaden, tuinbonen en glutenvrije haver. Daarentegen zou de teelt van klaver juist gunstig zijn voor de bodemvruchtbaarheid.

Deense veehouders blijken bereid te zijn om meer te betalen voor lokaal geproduceerde graseiwitten, maar hieraan zit een grens. Zolang de prijs van soja nog significant lager is, zullen de boeren de overstap naar graseiwitten niet maken. Ook bestaat er nog twijfel over de verteerbaarheid en kwaliteit van de graseiwitten in vergelijking met soja. Als voordeel wordt echter genoemd dat droge graseiwitten een stuk gemakkelijker zijn te mengen in het veevoer dan de huidige sojabrokken.

Niet plotseling

Ook minister Ellemann-Jensen geeft aan dat de omschakeling van soja naar graseiwitten zich niet plotseling zal voltrekken: “De uitdaging van het omschakelen naar duurzamere bronnen van eiwitten is dat ze qua prijs en kwaliteit moeten kunnen concurreren met de eiwitbronnen die gedurende tientallen jaren zijn ontwikkeld, verfijnd en toegepast.” Toch bestaat er een groot potentieel: “Er zijn al spannende projecten aan de gang, en ik wil een oproep doen aan de grote spelers om samen de activiteiten te coördineren, zodat we de ontwikkelingen een extra duwtje kunnen geven,” aldus de minister.

Landbouwteam Scandinavië
Peter Eleveld
Twitter: @agrikopenhagen

November 2018

Zie ook