Nederland koploper in landbouwinnovatie

Mondiale voedselzekerheid staat hoog op de agenda van het ministerie van Economische Zaken (EZ). Het gaat dan, kort samengevat, om de productie van veilig en gezond voedsel voor de groeiende wereldbevolking in een veerkrachtige wereld. Nederland kan hierbij als voorloper in de wereld fungeren via de export van kennis en technologie, bijvoorbeeld op het gebied van klimaatslimme landbouw. Partnerschap tussen bedrijfsleven, kennisinstellingen en overheid - nationaal én internationaal - is daarbij uitgangspunt.

Innovatie

Boeren in Myanmar

Volgens cijfers van de FAO lijden ruim 800 miljoen mensen dagelijks honger. Zo’n 2 miljard mensen kampen met een nutriëntengebrek door een eenzijdig voedselpatroon. Om in 2050 9 tot 10 miljard mensen te voeden, moet de voedselproductie volgens de FAO met 50 tot 70% stijgen.

Tegelijkertijd wordt duidelijk dat de grenzen van het voedselsysteem in zicht zijn. De biodiversiteit neemt af en de effecten van de klimaatverandering worden voelbaar.

De wereldwijde maatschappelijke opgave is om meer voedsel te produceren, maar dan wel op een ecologisch duurzame wijze. Dat vraagt volgens EZ om een systeemaanpak waarbij internationaal de samenwerking wordt gezocht tussen overheden, bedrijfsleven, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties.

De internationale agenda

Deze opgaven sluiten overigens naadloos aan bij de internationale agenda. Hoog op die agenda staan de zogeheten Sustainable Development Goals die de VN in 2015 heeft vastgesteld. Een groot deel van die doelen is direct gerelateerd aan landbouw en voedselzekerheid.

Ook het klimaatverdrag (COP21, december 2015, Parijs) wijst op de noodzaak om stevige maatregelen te nemen. Klimaatslimme landbouw is een must. Onderzoek, kennis en innovatie kunnen een belangrijke bijdrage leveren om de doelen uit deze internationale akkoorden te realiseren.

Rol van Nederland

Nederland heeft internationaal een sterk profiel op het gebied van landbouw, handel en voedselzekerheid. We nemen deel aan veel internationale allianties. Actief wordt naar bondgenoten gezocht om onderwerpen als het terugdringen van voedselverliezen en de introductie van klimaatslimme landbouwtechnieken, hoog op de politieke agenda te krijgen.

Partnerschappen zijn een belangrijke succesfactor in de strategie van EZ. Via de topsectoren Agrofood en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen worden oplossingen voor voedselzekerheid bedacht , in praktijk gebracht en geëxporteerd (zie kader). Hiervoor is ook subsidie (‘seed money’) beschikbaar om haalbaarheidsstudies uit te voeren en businesscases op te zetten.

Het mes snijdt aan twee kanten: Nederland levert een bijdrage aan de voedselzekerheid in de wereld en versterkt tegelijkertijd zijn internationale concurrentiepositie.

EZ is erop gericht om Nederland nadrukkelijk in de markt te zetten als unieke aanbieder van kennis en kunde vanwege zijn integrale aanpak op het gebied van veilige en duurzame voedselproductie.

Innovatie

Belangrijke prioriteiten

Het terugdringen van verliezen in de voedselketen heeft hoge prioriteit op de beleidsagenda van EZ. In tal van landen wordt hier, meestal met medewerking van de landbouwraden op de Nederlandse ambassades, uitvoering aan gegeven. Nederlandse kennisinstellingen zoals Wageningen UR en bedrijven met expertise op het gebied van logistiek en bewaring zijn hier vaak actief bij betrokken.

Een andere prioriteit is de toepassing van klimaatslimme landbouwpraktijken. Het gaat dan om verhoging van de voedselproductie in combinatie met het weerbaar maken van de landbouw tegen verdroging en het verlagen van de uitstoot van broeikasgassen. Bij het delen en verspreiden van kennis op dit terrein speelt Nederland een belangrijke rol.

Samenwerking in topsectoren

De topsectoren Agri & Food en Tuinbouw & Uitgangsmaterialen werken samen met overheid en kennisinstellingen aan versterking van hun nationale en internationale positie. Internationaal leiderschap via de export van kennis en technologie is een van de topprioriteiten.

Aardappels zijn bijvoorbeeld een belangrijke voedingsbron in opkomende economieën. Bovendien gebruiken ze veel minder water dan rijst of graan. Onder meer in China, India en Myanmar versterken Nederlandse onderzoekers en bedrijven de duurzame ontwikkeling van de aardappelketen met kennis en technologie. Voor ondernemers van 'beide' kanten is het een interessante toegang tot nieuwe markten.

Algen in afvalwater

Het ministerie stelt subsidie beschikbaar voor projecten waarvan de uitkomsten mogelijk een bijdrage leveren aan de voedselzekerheid in de wereld.

Voorbeeld is een samenwerkingsverband van Nederlandse en Mexicaanse bedrijven dat op zoek gaat naar een innovatief gebruik van afvalwater uit tuinbouwkassen. Er wordt een verkenning uitgevoerd naar de mogelijkheid om algen te kweken in het drainwater. De algen worden vervolgens verwerkt tot pluimveevoer.

Een ander voorbeeld van zo’n ‘seed money-project’ is de studie naar de kweek van glasaal. In Japan bestaat veel vraag naar glasaal, ofwel jonge paling. Deze wordt nu uit zee gehaald. Het voortbestaan van de paling is in het geding. Kweek van glasaal op land kan een oplossing bieden. Nederlandse en Japanse bedrijven zijn betrokken bij dit onderzoek.

Redactieteam Agroberichten Buitenland

Oktober 2016