‘Met Nederlandse technologie voedselverlies tegengaan in India’

Maak kennis met landbouwattaché Ilse van Dijl. Zij is sinds de zomer van 2019 samen met landbouwraad Siebe Schuur actief voor het Nederlandse agrobedrijfsleven in India en Sri Lanka. “Mijn topprioriteit is om Nederlandse en (Zuid-)Indiase agrobedrijven en kennisinstellingen met elkaar in contact te brengen.”

Voor het Nederlandse landbouwbedrijfsleven is India een land met een enorme potentie, zegt Ilse van Dijl. In juli 2019 is ze in het land gearriveerd en heeft inmiddels de eerste ervaringen opgedaan. Haar voorlopige conclusie: “India en landbouw vormen een twee-eenheid. De agrarische sector is qua werkgelegenheid verreweg de belangrijkste economische sector. De overheid heeft vergaande doelen voor de sector vastgesteld. Daar kan de Nederlandse agrofoodsector op inspelen.“  

Ilse van Dijl

Ilse van Dijl

Van Dijl heeft landbouweconomie en plattelandsontwikkeling gestudeerd in Wageningen, Gent, Berlijn en Florida. Na haar master en een jaar in Brussel kreeg ze de kans om deel te nemen aan het traineeprogramma van het Rijk. Ze werkte in diverse functies bij EZ en LNV. Onder meer bij de directie Europees, Internationaal en Agro-economisch beleid (EIA) op het ministerie van LNV.

'Er is in dit land sprake van droogte, overstromingen én verzilting'

Komende jaren zal zij vooral actief zijn in het zuiden van India. Haar standplaats is Delhi maar ze spendeert de helft van haar tijd in Bangalore, de op twee na grootste stad van India. Nederland heeft hier vorig jaar een Consulaat Generaal geopend omdat in deze regio veel technologie wordt ontwikkeld en de tuinbouw hier veel kansen heeft. Een extra landbouwattaché past in de proactieve aanpak die LNV voor ogen heeft in de internationalisering.

Een droombaan?

“Vind ik wel, dit is een van de mooiste banen die er is voor een ambtenaar. Ik werk nu in een andere cultuur, in een land met een compleet andere politieke en economische structuur dan in Nederland. Bovendien heeft deze baan met een flinke inhoudelijke component. Om op deze plek het Nederlandse agrobedrijfsleven te bedienen en tegelijk bij te dragen aan duurzame ontwikkeling van de Indiase voedselproductie, is voor mij uitdagend, spannend en ook avontuurlijk.”

Wat zijn uw eerste indrukken?

“India is een echt landbouwland, 54% van de 1,4 miljard inwoners werkt direct of indirect in de agrofoodsector. De economie groeit met zo’n 5% per jaar, honger is al lang geen probleem meer maar het land telt wel 200 miljoen mensen die kampen met ondervoeding. Water is een van de belangrijkste thema’s. Er is in dit land sprake van droogte, overstromingen én verzilting. De boeren – vaak met erg kleine bedrijven – kampen met de gevolgen daarvan. Mijn indruk is ook dat de overheid, het bedrijfsleven en de onderwijsinstellingen veel heil zien in samenwerking met Nederland. Dat gebeurt trouwens al op vele gebieden. Ons land wordt gezien als voorloper in de wereld. De deur staat al open. Zo hebben Nederland en India twee jaar geleden een Center of Excellence geopend in Baramati waar Nederlandse kennis van groenteproductie wordt gedemonstreerd en Indiase boeren worden getraind om met Nederlandse technologie te werken. Een mooi voorbeeld van internationale samenwerking tussen kennisinstellingen, bedrijven en overheden. Dat heeft geleid tot een hogere en duurzamere productie. Steeds meer Indiase staten willen dergelijke centra openen.”

Center of Excellence for Vegetables, Baramati

Zuid-India is uw werkgebied. Wat gaat u concreet doen?

“India werd in het verleden door sommige bedrijven gezien als een dichtbevolkte onbekende vlakte waar je overheen vloog als je zaken ging doen in China. Die blik is nu aan het veranderen. In Zuid-India bevinden zich de relatief rijkere staten met een hoger opgeleide bevolking. In dit deel van India wordt al jaren samengewerkt tussen Nederlandse en Indiase bedrijven en kennisinstellingen. Zo heeft Rijk Zwaan hier een R&D-station en vindt men hier Nederlandse sierteeltbedrijven.

De samenwerking heeft vaak betrekking op het terrein van landbouw, water en gezondheid."

Nog dit jaar wordt er een congres in Delhi over deze nexus gehouden, gevolgd door een handelsmissie naar Bangalore van 14 tot en met 18 oktober.

"Begin volgend jaar komt een agri-innovatiemissie vanuit Nederland naar hier, de eerste. We verwachten dat er winst te behalen is bij samenwerking met Indiase kennisinstellingen en innovatieve bedrijven. En dit hebben we nodig voor het bereiken van een duurzamere of kringlooplandbouw, en het versterken van de Nederlandse kennispositie.

Mijn primaire rol is om de samenwerking tussen Nederland en India verder uit te bouwen, bijvoorbeeld door Nederlandse en Indiase bedrijven aan elkaar te koppelen. Van beide kanten is daar behoefte aan, heb ik al ervaren. Door snel een netwerk op de bouwen kan ik de juiste partners met elkaar in contact brengen. Bijvoorbeeld op het terrein van klimaat-slimme landbouw of het gebruik van antibiotica.”

'Met zijn grote bevolking vormt India een enorme afzetmarkt'

Wat maakt India vooral interessant voor Nederland?

“Met zijn grote bevolking vormt het land een enorme afzetmarkt. Daarbij denk ik niet in de eerste plaats aan export van eindproducten. Hoewel de middenklasse groeit, is de koopkracht hier laag. Gelukkig ziet de Indiase overheid in dat landbouwexport nodig is om te groeien. Begin 2019 is de eerste landbouwexportstrategie gepubliceerd. Op beleidsniveau biedt deze exportstrategie een opening voor een gesprek over meer import, terwijl op het niveau van ondernemingen er meer vraag naar beter uitgangsmateriaal en bijvoorbeeld machines volgt.

De Indiase overheid wil de inkomens van de boeren verdubbelen in de periode 2016-2022. Om dat voor elkaar te krijgen, moeten de opbrengsten omhoog en de verliezen in de keten omlaag. In beide gevallen kan Nederland ondersteuning bieden. Bijvoorbeeld door goede zaden te leveren en, als het gaat om voedselverspilling, door technologie te leveren zodat producten kunnen worden verwerkt en gekoeld getransporteerd.”

Bezoek R&D station Rijk Zwaan

Staat voedselzekerheid ook op uw agenda?

“Zeker, net zoals op die van veel andere landbouwraden en –attachés. Voedselzekerheid staat hoog op de agenda van het kabinet. In een brief aan de Tweede Kamer hebben de ministers van LNV en BZ de streefdoelen recent vastgelegd. Het gaat om betere voeding voor 32 miljoen kinderen, verhoging van het inkomen van 8 miljoen kleine boeren en duurzaam gebruik van 8 miljoen hectare landbouwgrond. Moet allemaal in 2030 zijn bereikt. Wat betreft India zijn die doelen allemaal relevant.”

September 2019

Contact

Landbouwteam Nederlandse ambassade New Delhi
E-mail: NDE-LNV@minbuza.nl

Meer informatie over de Technology Summit en handelsmissie

India-Netherlands Technology Summit

Handelsmissie naar Bangalore (13-18 oktober 2019)