Luxemburg en glyfosaat: na verbod op verkoop ook verbod op gebruik vanaf 1-1-2021

Het jaar 2020 markeert voor de Luxemburgse landbouw de introductie van het geleidelijke verbod  op de verkoop van glyfosaat. Vanaf 1 januari 2021 gaat Luxemburg echter nog een stap verder en wordt ook het gebruik ervan verboden, als eerste land ter wereld. Hoe gaat de Luxemburgse landbouwsector om met dit gebruiksverbod?

Pesticiden
©Canva

Ambitieus beleid

Allereerst het bredere politieke plaatje: Luxemburg stemde bij alle Europese besluiten over de toelating van glyfosaat elke keer tegen, dus het verbod is coherent met het Luxemburgse stemgedrag op Europees niveau. Ook op nationaal niveau heeft Luxemburg maatregelen gelanceerd die hiermee in lijn liggen: een actieplan voor 50% minder pesticiden tegen 2030 (conform EU-beleid) en een ander voor 20% biologisch landbouwareaal tegen 2025 (tegen 5% momenteel).

Kritische landbouworganisaties

Vanuit de landbouwsector (la Centrale paysanne en la Chambre d’agriculture) zijn echter kritische geluiden te horen. Alhoewel de kritiek zich niet zo zeer toespitst op de inhoud van het verbod, betreft die wel de ingangsdatum en het ideologische, politieke karakter ervan. Gezien het gebrek aan alternatieven komt het verbod volgens hen gewoon te vroeg. Ook verwijt de sector de Luxemburgse regering te zwichten voor de druk van de publieke opinie.

Mogelijk concurrentienadeel

Ook al benadrukt de Luxemburgse minister van Landbouw dat er gewerkt wordt aan alternatieven voor onkruidbestrijding (het is immers voor de akkerbouw heel belangrijk om de grond voor het inzaaien van de gewassen onkruidvrij te maken), voorhanden zijn ze momenteel nog niet. Bovendien wordt de grond omploegen afgeraden met het oog op de CO2-opslag in bodems. Er lopen wel onderzoeksprojecten naar mechanische methoden voor onkruidbestrijding, maar volgens de sector is er veel meer tijd nodig om deze alternatieven correct te ontwikkelen en om beter zicht te krijgen op de rentabiliteit ervan. Want bovenal vreest de sector dat het verbod de concurrentiepositie van de Luxemburgse landbouwers zal aantasten, aangezien zij geconfronteerd worden met hogere productiekosten, terwijl zij op dezelfde afzetmarkt opereren als Duitse, Franse en Belgische boeren. De subsidies van de Luxemburgse overheid om tegemoet te komen aan deze vrees, zijn volgens de sector niet voldoende om dit concurrentienadeel volledig te compenseren.

En hoe zal het verbod in de praktijk uitwerken?

Toch is het beeld in de praktijk niet ontmoedigend: meer dan de helft (592) van de 1.005 landbouwbedrijven in Luxemburg is reeds al op vrijwillige basis gestopt met het gebruik van glyfosaat, terwijl de Luxemburgse wijnbouw al 100% glyfosaat-vrij is.

Ook is de structuur van de landbouwsector zodanig dat de impact van het verbod beperkt zal zijn. Zo wordt iets meer dan de helft van het landbouwareaal gebruikt als grasland, waar toepassing van glyfosaat geen nut heeft. Op het resterende landbouwareaal wordt slechts gedeeltelijk (1/3) wel glyfosaat toegepast, namelijk bij veldgewassen, dus in totaal heeft het verbod betrekking op “slechts” 1/6 van het Luxemburgse landbouwareaal. Daarnaast zijn zo’n 80% van de Luxemburgse landbouwbedrijven gemengde bedrijven, waardoor het verbod ook slechts een gedeeltelijke impact zal hebben op de rentabiliteit van het landbouwbedrijf in zijn geheel.