De wereldwijde landbouwproductie zal in de periode 2026-2035 naar verwachting met ongeveer 13% toenemen. Die groei wordt vooral gerealiseerd door hogere productiviteit en efficiënter gebruik van bestaande landbouwgrond, terwijl de groei van de broeikasgasemissies uit de landbouw relatief beperkt blijft. Dat blijkt uit de vandaag gepubliceerde OECD-FAO Agricultural Outlook 2026-2035, de jaarlijkse gezamenlijke langetermijnverkenning van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) en de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO).

Volgens het rapport, dat vandaag gelanceerd werd in de residentie van de Nederlandse ambassaeur, zal de productie sneller groeien dan de directe landbouwemissies. Terwijl de landbouwproductie wereldwijd ongeveer 13% stijgt, zal de directe broeikasgasemissies naar verwachting met ongeveer 6% toenemen. Dat wijst op een verdere daling van de emissie-intensiteit van de mondiale landbouw.

Groei vooral buiten Europa

De sterkste productiegroei wordt verwacht in Azië, Sub-Sahara Afrika en Latijns-Amerika. In deze regio's zorgen bevolkingsgroei, stijgende inkomens en investeringen in productiviteit voor een toenemende vraag naar voedsel en een uitbreiding van de agrarische productie.

De groei bestaat voornamelijk uit hogere opbrengsten per hectare en verbeterde efficiëntie in de veehouderij. De uitbreiding van landbouwgrond speelt wereldwijd een steeds kleinere rol.

Voor Europa en andere ontwikkelde economieën verwacht het rapport een veel gematigder productiegroei. Hier ligt de nadruk vooral op verduurzaming, innovatie en verdere efficiëntieverbetering.

Vraag naar dierlijke producten blijft stijgen

De mondiale consumptie van landbouwproducten blijft toenemen. Vooral in middeninkomenslanden groeit de vraag naar vlees, zuivel en vis als gevolg van verstedelijking en stijgende inkomens.

Tegelijkertijd blijft de consumptiegroei in hoge-inkomenslanden relatief beperkt. Daar verschuiven consumenten steeds vaker naar gezondere en duurzamere voedingspatronen.

Productiviteit wordt steeds belangrijker

Volgens OESO en FAO zal vrijwel alle extra voedselproductie in de komende tien jaar bestaan uit productiviteitsverbeteringen. Innovaties in veredeling, digitalisering, precisielandbouw en beter water- en nutriëntenbeheer spelen daarbij een sleutelrol.

Beide organisaties benadrukken dat verdere investeringen in onderzoek, kennisontwikkeling en technologie noodzakelijk blijven om zowel de voedselzekerheid als de klimaatdoelstellingen te realiseren.

Internationale handel blijft cruciaal

Ondanks toenemende geopolitieke spanningen blijft internationale handel een essentieel onderdeel van het mondiale voedselsysteem. Veel landen zijn afhankelijk van import voor hun voedselvoorziening, terwijl exporterende regio's een belangrijke bijdrage leveren aan de mondiale voedselzekerheid.

OESO en FAO waarschuwen dat handelsbelemmeringen en langdurige geopolitieke conflicten de stabiliteit van voedselmarkten kunnen verstoren. Daarom bevat deze editie van de Outlook ook een scenarioanalyse van de mogelijke gevolgen van het conflict in het Midden-Oosten voor de internationale landbouwmarkten.

Relevantie voor Nederland

Voor Nederland bevestigt het rapport enkele bekende trends. Concurrentiekracht zal in toenemende mate afhangen van innovatie, verduurzaming en een hoge productiviteit. Tegelijkertijd blijven internationale markten van groot belang voor de Nederlandse agri- en foodsector, zowel als exportbestemming als voor de aanvoer van grondstoffen.

De Outlook benadrukt daarnaast het belang van samenwerking op het gebied van kennis, technologie en internationale handel om de mondiale voedselvoorziening toekomstbestendig te maken.

De 'OECD-FAO Agricultural Outlook 2026-2035' geldt wereldwijd als een van de belangrijkste referenties voor beleidsmakers, bedrijven en kennisinstellingen die zich bezighouden met de ontwikkeling van landbouw- en voedselmarkten op de middellange termijn.