Vlaanderen staat, net als Nederland, voor een grote uitdaging: het terugdringen van stikstofuitstoot. De voortgang wordt bijgehouden in het Voortgangsrapport PAS. Na het eerste rapport in 2024, is onlangs een tweede versie gepubliceerd. De conclusie is dat Vlaanderen vooruitgang boekt in het terugdringen van stikstofuitstoot, vooral bij stikstofoxiden en in bepaalde segmenten van de landbouw. Toch is de opgave richting 2030 nog groot. Vooral de ammoniakuitstoot — en met name in bepaalde landbouwsubsectoren — zal sneller moeten dalen om de doelen te halen. Innovaties op het vlak van stikstofreductie blijven dus welkom in Vlaanderen!
Beeld: © Canva
Vlaamse ammoniakuitstoot
Tussen 2015 en 2023 daalde de totale ammoniakuitstoot in Vlaanderen met 12,4% tot 31.147 ton stikstof. De doelstelling voor 2030 ligt echter op 21.300 ton — een reductie van ruim 40% ten opzichte van 2015.
De landbouwsector is veruit de grootste bron en is verantwoordelijk voor bijna 96% van deze uitstoot. Binnen de landbouw komt het grootste deel uit de veeteelt, gevolgd door kunstmestgebruik en mestverwerking. De totale ammoniakuitstoot binnen de landbouw daalde met 12,9%, net iets meer dan de totale reductie voor alle economische sectoren bij elkaar.
Vlaamse stikstofoxidenuitstoot
De uitstoot van stikstofoxiden laat een ander beeld zien. Die daalde in dezelfde periode met 39,4% tot 24.053 ton. Daarmee komt de doelstelling voor 2030 (21.800 ton) binnen bereik.
De transportsector is met ruim 50% de grootste uitstoter van stikstofoxiden, gevolgd door energie en industrie (26,7%). Landbouw speelt hier een veel kleinere rol (10,5%). Vooral de sterke daling in transport (-51%) heeft bijgedragen aan de totale reductie.
Ammoniakuitstoot in de landbouw
Binnen de landbouw ontstaat 62,5% van de ammoniakuitstoot in stallen. De overige 37,5% komt van activiteiten buiten de stal, zoals beweiding, het uitrijden van dierlijke mest en het gebruik van kunstmest.
Grafiek 1 toont dat de daling sinds 2015 vooral door lagere emissies in stallen (-16,6%) komt. Buiten de stal is de afname beperkter (-6%).
Grafiek 1: Evolutie van de Vlaamse ammoniakemissie (2015-2023) en de doelstelling voor 2030
Beeld: Vlaams Departement Omgeving
De varkenshouderij, die in 2023 goed was voor een kwart van de Vlaamse ammoniakuitstoot in de landbouw, leverde de grootste bijdrage aan de reductie (bijna 32%, zie ook tabel 1), mede door een krimp van de veestapel en emissiearme technieken.
Opvallend is verder dat:
- het uitrijden van mest nauwelijks verandering in uitstoot laat zien, terwijl dit segment een aandeel heeft van bijna een kwart van de Vlaamse ammoniakuitstoot in de landbouw
- de melkveehouderij de uitstoot juist zag stijgen (+16%, aandeel van 13%)
- beweiding en rundvleesproductie wel duidelijke dalingen laten zien (beide circa -21%, maar hun aandeel is beperkter met respectievelijk 4% en 7%)
Tabel 1 : Evolutie van de Vlaamse NH3-emissie in de sector ‘Landbouw’, in kton
Beeld: Vlaams Departement Omgeving
Ammoniakemissies in stallen
Grafiek 2 : Evolutie van de Vlaamse ammoniakemissie voor stallen in de landbouw met doelstellingen voor 2030
Beeld: Vlaams Departement Omgeving
De daling in de varkenshouderij zet stevig door. Als deze trend aanhoudt, komt de sector in 2030 in de buurt van de doelstelling (-60%). De daling van de afgelopen jaren werd behaald dankzij een krimp van 20% in het aantal dieren, emissiearme stallen en de toepassing van emissiereducerende technieken.
De pluimveesector laat echter nauwelijks een daling zien, terwijl de sector als geheel een doelstelling heeft van -60% tegen 2030. De groei van de veestapel (+25%) heeft de afgelopen jaren de winst van emissiearme stallen volledig tenietgedaan.
Bij rundvee is het beeld gemengd:
- minder uitstoot in de vleesveehouderij
- meer uitstoot bij melkvee en mestkalveren
Beide trends komen overeen met de respectievelijke daling en stijgingen van de veestapel. Daar waar de vleesveehouderij zijn doelstelling voor 2030 al heeft gehaald (-15%), is voor de andere twee segmenten een duidelijke trendbreuk nodig.
Tabel 2: Behaald ammoniakreductie 2015-2023 versus doelstelling voor 2030 voor de verschillende segmenten van de Vlaamse veehouderij
|
Verschil t.o.v. 2015 |
Doelstelling voor 2030 | |
|
varkens |
-31,8% |
-60% |
|
pluimvee |
-1,2% |
-60% |
|
vleesvee |
-20,7% |
-15% |
|
melkvee |
+15,7% |
-15% |
|
mestkalveren |
+5,2% |
-20% |
Ammoniakemissies buiten de stal
Buiten de stal komt bijna twee derde van de ammoniakuitstoot door het uitrijden van mest (65,3%). Andere bronnen zijn:
- kunstmestgebruik (16,8%)
- beweiding (11,8%)
- mestverwerking (6,1%)
Hoewel de kleinere bronnen een daling laten zien, bleef mestuitrijden lange tijd stijgen. Pas in 2023 daalde de uitstoot plotseling om weer uit te komen op het referentieniveau van 2015. Die daling komt onder andere door:
- een kleinere varkensstapel
- het wegvallen van derogatie
- natte weersomstandigheden in het najaar van 2023 die het mestuitrijden bemoeilijkten
Opvallend is ook de stijging van ammoniakuitstoot uit kunstmest in 2023 (+25%), na jaren van geleidelijke daling, waarschijnlijk door lagere prijzen.
Grafiek 3 : Evolutie van de Vlaamse ammoniakemissie buiten de stal
Beeld: Vlaams Departement Omgeving
Stikstofoxidenemissies in de landbouw
De landbouw is verantwoordelijk voor slechts 11,5% van de stikstofoxidenuitstoot. In tegenstelling tot andere sectoren nam deze uitstoot licht toe (+3,6%, zie grafiek 4).
Transport boekte juist grote vooruitgang, vooral door schoner wegverkeer. Ook de uitstoot van het segment Offroad, waaronder landbouwtractoren vallen, daalde sterk.
Grafiek 4 : Evolutie van de Vlaamse stikstofoxidenemissies per sector met de doelstellingen voor 2030
Beeld: Vlaams Departement Omgeving