NZO: zuivelexport naar VK lijkt redelijk stabiel

De uittreding van het VK uit de Europese Unie is lastig voor Nederlandse exporteurs van zuivelproducten, maar de logistieke en organisatorische problemen zijn tot nu toe te overzien. Het uitstel van de plicht gezondheidscertificaten te overhandigen – van 1 april naar 1 oktober – komt heel gelegen. “We hebben nu meer tijd om de Britse vereisten goed in te regelen”, zegt Tjitske Bolt van de Nederlandse Zuivel Organisatie (NZO).

Tjitske Bolt
©NZO
Tjitske Bolt

Natuurlijk heeft de Brexit nadelige gevolgen voor de zuivelexport naar de VK, zegt Bolt. “Het VK is sinds dit jaar een zogeheten derde land geworden en maakt geen onderdeel meer uit van de interne markt. Dat brengt veranderingen in de handelsrelatie met zich mee. Het betekent meer administratie, controles, mogelijke vertragingen aan de grens, noem maar op. Verreweg de meeste zuivelexporteurs zijn gelukkig gewend om te exporteren naar landen buiten de Europese Unie. Ze zijn dus op de hoogte van de regels die daarbij horen.”

Brancheorganisatie met 13 leden

De NZO is de brancheorganisatie van de zuivelverwerkers. De organisatie heeft 13 leden, het zijn ondernemingen die van rauwe melk zuivelproducten maken, zoals kaas, melkpoeder, boter. Tjitske Bolt is procesmanager internationale zaken bij de NZO en houdt zich daarom intensief bezig met de gevolgen van de Brexit voor de zuivelindustrie. De NZO werkt hierbij samen met de zuivelhandelaren, georganiseerd in Gemzu, en ZuivelNL, de ketenorganisatie van de zuivelsector, om de handel naar het VK zo optimaal te laten verlopen.

Brexit is een gegeven

De Brexit is een gegeven, zegt Bolt. “Wij hebben dit niet gewild en zouden het liefst willen dat het VK op zijn schreden terugkeert. Dat zal voorlopig niet gebeuren. Nu gaat het erom de zuivelexport in deze nieuwe situatie zo soepel mogelijk te laten verlopen.”

'De export verloopt tot nu toe redelijk goed. Het lijkt business as usual'

Hoe belangrijk is de handel met het VK voor leden van de NZO?

“Als het gaat om de totale export van zuivelproducten is het VK zeker niet onze grootste afnemer. Volgens de meest recente cijfers gaat het om een exportwaarde van €350 miljoen per jaar, waarvan een groot deel kaas. Dus is die afzet naar het VK voor onze bedrijven van belang. Lange tijd hing een no-deal Brexit in de lucht. Zonder handelsakkoord zou dat volgens de WTO-regels geleid hebben tot een importheffing van 40% op onze zuivelproducten, met alle gevolgen van dien voor onze export. Met de deal in december 2020 tussen de EU en het VK is die heffing gelukkig afgewend. Dat neemt niet weg dat de export lastiger wordt, het blijft een verslechtering van de situatie die we hadden.”

Hoe verloopt de zuivelexport naar het VK sinds 1 januari?

“De export verloopt tot nu toe redelijk goed. Het lijkt business as usual. De afzet is wel iets afgenomen. Exporteurs hebben, vooruitlopend op 1 januari, bestellingen deels eerder geleverd. Wat je wel ziet is dat afnemers in Ierland nu rechtstreeks per schip worden beleverd. Dat ging altijd via Engeland. Nu het VK een derde land is, zou de route door Engeland betekenen dat producten twee keer ingeklaard moeten worden. De nieuwe route is wel een stuk duurder en kost meer tijd. Zuivelexporteurs hebben overigens minder last van vertragingen als gevolg van extra controles en verlegging van routes dan andere bedrijven in de agrofoodsector. Onze producten zijn namelijk over het algemeen langer houdbaar. Een beperkt oponthoud is niet direct fataal.”

Kaaspakhuis
©NZO

Het VK heeft de certificeringsplicht verschoven naar 1 oktober. Blij mee?

“Zeker, dat komt alle betrokken partijen goed uit. De certificering zou eerst per 1 april ingaan, de vereisten van het VK werden pas laat bekend. Er moet dan heel veel gebeuren om alles op tijd klaar te hebben. Nu hebben we tot 1 oktober de tijd om het administratieve en logistieke proces goed in te regelen en puntjes op de i te zetten. Dan gaat het bijvoorbeeld over hoe de vereisten omgezet moeten worden in de gezondheidscertificaten en de capaciteit bij de overheid om de toenemende aanvraag van exportcertificaten en inspecties bij de exporterende bedrijven uit te voeren. Dat laatste vraagt ook actie van de zuivelbedrijven. Waar eerder de zendingen naar het VK gewoon konden vertrekken, moet nu rekening gehouden worden met een wachttijd voordat een lading naar het VK kan vertrekken, om inspecteurs de tijd te geven hun werk uit te voeren. Dat vraagt om extra opslagcapaciteit. Bedrijven hebben door het uitstel meer tijd gekregen om daar een oplossing voor te vinden. We krijgen nu trouwens ook de tijd om samen met de Britse autoriteiten het hele certificeringsproces zo veel mogelijk digitaal te organiseren Dat is belangrijk voor de snelheid en om de kosten laag te houden.”

'Komende maanden moet het hele proces van certificeren en inspecteren worden ingericht en gaan lopen'

Was de Nederlandse zuivel voldoende voorbereid op de Brexit?

“Dat vind ik wel. De betrokken Nederlandse autoriteiten zoals het ministerie van LNV, NVWA en douane overleggen doorlopend met de brancheorganisaties over het proces en over de te nemen stappen. Het bedrijfsleven is steeds goed op de hoogte gehouden van de Brexit-ontwikkelingen. Voor de exporterende bedrijven is die informatie van levensbelang om hun export zo soepel mogelijk te laten doorgaan. Tot nu toe gaat dat allemaal goed. Maar we zijn er nog niet. Het gaat nu om de uitwerking en implementatie. Komende maanden moet het hele proces van certificeren en inspecteren worden ingericht en gaan lopen. We hebben er alle vertrouwen in er dan klaar voor te zijn.”

Tim Heddema
Tim Heddema

'Nu de voorbereidingen laten verslappen is geen optie'

Tim Heddema, landbouwraad op de Nederlandse ambassade in Londen, is net als NZO opgelucht dat 1 april 1 oktober is geworden als het gaat om Britse certificeringseisen bij de import van producten van dierlijke oorsprong. “Belangrijk is wel dat ook de Britse overheid de gewonnen tijd benut om te werken aan elektronische oplossingen die het hele handelsproces vereenvoudigen, de druk op de Britse autoriteiten verlagen en daardoor de kans op oponthoud verkleinen. We zijn daar samen met de NVWA al een tijdje over in gesprek met de autoriteiten hier in het VK. Die gesprekken zetten we met volle intensiteit voort. Voor je het weet is het 1 oktober. Nu de voorbereidingen laten verslappen is geen optie, noch voor de overheid, noch voor het agrobedrijfsleven.”