Verbetering aardappelsector Tanzania via proefboerderij

De opbrengst van de aardappelteelt in Tanzania is per hectare vijf keer lager dan in Nederland. Een productiestijging is hard nodig om de groeiende bevolking te voeden. In 2017 is een succesvol Nederlands-Tanzaniaans project begonnen met een proefboerderij en demo's in de regio om de productie te optimaliseren en kennis over de aardappelteelt te verbeteren en breed over te dragen.

De aardappelteelt in Tanzania is groot. In de zuidelijke hooglanden van Tanzania bevindt zich 90% van de aardappelteelt, die totaal 220.000 hectare beslaat (zie figuur 1). Ter vergelijking: in Nederland wordt bijna 170.000 hectare aardappelen geteeld. Opvallend is dat de pootgoedsector in Tanzania klein is ten opzichte van het totale areaal. Vrijwel alle telers houden eigen pootgoed achter ('farm saved seed') van vaak zeer matige kwaliteit. De gemiddelde opbrengst in Tanzania wordt geschat op 8 tot 10 ton per hectare, terwijl in Nederland de gemiddelde opbrengst circa 45 ton per hectare bedraagt. De verwachte bevolkingsgroei in Tanzania is dusdanig groot dat de vraag naar voedsel sterk zal toenemen. De vraag naar aardappelen zal daardoor sterk stijgen en een productiestijging is hard nodig en haalbaar.

Lees verder onder foto

The Southern Highland: goed voor 90% van aardappelproductie

Het CD-PIT-project

Om Tanzania te helpen bij de productiestijging is in 2017 het CD-PIT-project (Center for Development of the Potato Industry Tanzania) gestart. Het project vloeit voort uit een Memorandum of Understanding (MoU) tussen de Tanzaniaanse en Nederlandse overheid. Daarin is vastgelegd dat de overheden willen samenwerken aan het ontwikkelen van de aardappelketen in Tanzania. Hierbij is nadrukkelijk een rol voorzien van het Nederlands en Tanzaniaans bedrijfsleven. De betrokken bedrijven dekken samen de belangrijkste onderdelen van de teeltfase af.

Drie aardappelhandelshuizen (Agrico, Europlant en HZPC) bieden nieuwe aardappelrassen met bijbehorende teeltadviezen, Bayer levert kennis over gewasbescherming, voor de mechanisatie van de teelt is Grimme betrokken en Hanse Agrostore International biedt slimme laagdrempelige oplossingen voor de bewaring van aardappelen. Tenslotte is Yara Tanzania betrokken als bemestingsspecialist.

Samen met teelt- en ketenspecialisten van Wageningen Universiteit & Research, Aeres Hogeschool en Pioneers Consulting wordt gewerkt aan kennisoverdracht op het gebied van rassen, teeltmanagement en ondernemerschap in Tanzania. Om deze kennisoverdracht zo succesvol mogelijk te maken, is een Tanzaniaanse organisatie opgericht, Stawisha genaamd. De staf bestaat uit lokale medewerkers die kennis hebben van de Tanzaniaanse (teelt-)omstandigheden.

Centrale rol voor de demonstratieboerderij

Kennisoverdracht over gewasbescherming, bodem en bemesting.

Vlakbij het kantoor in Mbeya beschikt het CD-PIT project over een boerderij van 20 hectare waar dankzij irrigatie twee teelten per jaar plaatsvinden. De boerderij dient een dubbel doel. Het eerste doel is te onderzoeken hoe te komen tot een optimale productie onder de specifieke omstandigheden. Ten tweede speelt de boerderij een belangrijke rol in de kennisoverdracht. Hierbij staat het concept 'zien is geloven' centraal.

Op de boerderij zijn demonstratievelden met alle beschikbare Nederlandse rassen aangelegd. Daarnaast is er gekozen voor twee bemestingsregimes op de percelen: een zoals gebruikelijk in Tanzania en een zoals in Nederland wordt gehanteerd. De Nederlandse adviezen gaan uit van een hogere opbrengst en al snel bleek dat met goed uitgangsmateriaal, een afgestemde bemesting en de juiste gewasbescherming een opbrengst gerealiseerd kan worden die dicht bij het Nederlandse niveau ligt.

Veel bezoek en kennisoverdracht

In de eerste twee jaar hebben zich bijna duizend telers gemeld voor een bezoek aan de boerderij en de verwachting is dat dit verder zal groeien. Naast de genoemde rassendemo’s wordt ingegaan op gewasbescherming, bodem & bemesting en teelttechniek. Via Grimme beschikt de boerderij over een kleinschalig machinepark. Als onderdeel van het programma worden deze machines gedemonstreerd en wordt uitleg gegeven over de wijze waarop de machines afgesteld moeten worden.

Lees verder onder foto

Demonstratie voor studenten van de regionale landbouwschool.

De positie van de boerderij zal in de loop van het project belangrijker worden. Er wordt op dit moment hard gewerkt aan het realiseren van een field visitors center, waar cursussen en symposia kunnen worden georganiseerd voor een breed spectrum bezoekers. Inmiddels is er een kleine bewaarplaats aangelegd van Hanse Agrostore International, waarmee wordt aangetoond dat aardappelen met beperkte middelen drie tot vier maanden goed bewaard kunnen worden en later tegen een betere prijs verkocht.  

Demo’s in de regio

Het tweede spoor voor kennisoverdracht is de aanleg van demo’s in de regio. In het afgelopen natte seizoen zijn zes demo’s aangelegd in de regio’s Njombe, Iringa en Mbeya. Per demo is een groep van dertig tot zestig boeren betrokken, die een stuk land en arbeid beschikbaar stellen voor de aanleg van de demo. Op vier tot vijf momenten tijdens de teelt is een bijeenkomst op het perceel en wordt aandacht besteed aan de keuzes die gemaakt moeten worden (of gemaakt zijn) in het teeltmanagement. Het zijn in feite studiegroepen die met elkaar ook discussiëren over gemaakte afwegingen. Hierbij wordt zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij zogenoemde AMCOS (Agricultural & Marketing Cooperatives Societies), die zich al georganiseerd hebben en vaak veel leden hebben. Op deze manier kan eenvoudig een groter bereik worden gerealiseerd. Bovendien hebben deze AMCOS vaak meer mogelijkheden om te investeren in beter pootgoed.

Lees verder onder foto

'Seeing is believing' bij CD-PIT in Mbeya

Voorlichters getraind

Bovenstaande activiteiten zijn vooral gericht op boeren. In het project is ook aandacht voor toekomstige Tanzaniaanse ondernemers en voor adviseurs en voorlichters. Dankzij een aanvullend budget van het Orange Knowledge Program (OKP) van NUFFIC (zogenaamd TMT - Tailor Made Training) zijn tien voorlichters uit Mbeya getraind in alle aspecten van de aardappelketen: van teelt, bewaring en marketing tot processing. Deze voorlichters zijn straks in staat om niet alleen ondernemers te ondersteunen, maar ook collega-voorlichters te leren over de aardappelteelt.

Een tweede spoor betreft het ontwikkelen van curriculum voor twee scholen in Mbeya: MATI, een middelbare landbouwschool, en MUST, een instelling voor hoger onderwijs die zich sterker wenst te richten op het tweede deel van de aardappelketen, namelijk de kant van de business en de processing. Dit TMT+ project van NUFFIC is in oktober 2019 gegund en wordt de komende twee jaar uitgerold.

Potentie is groot

De potentie van de aardappelteelt in Tanzania is enorm. Er wordt hard gewerkt aan de eerste 'kiempjes' voor een hoger rendement van deze teelt, waardoor telers in staat zijn om iets meer in de teelt te investeren. Dan ontstaat er namelijk ruimte voor aanschaf van goed pootgoed, machines et cetera. Er is een groot vertrouwen dat dit zal leiden tot een duurzame relatie tussen Tanzaniaans en Nederlands bedrijfsleven.

Voor vragen over het CD-PIT-project kunt u mailen naar  jan.kamp@wur.nl of naar de landbouwraad voor Tanzania, Ingrid Korving via dar-lnv@minbuza.nl. Het landbouwteam geeft regelmatig updates over de ontwikkelingen in de landbouwsector in Tanzania, via onze website, Twitter @NLAgriKenya en de reguliere nieuwsbrief. Om u in te schrijven voor onze nieuwsbrief kunt u een email sturen naar dar-lnv@minbuza.nl.

Jan Kamp
Wageningen Plant Research (Field Crops)

November 2019

Deze bijdrage maakt deel uit van de Agrospecial Kennisuitwisseling. Via onderstaande link kunt u alle overige bijdragen lezen over dit thema.