Natuurbeleid in de Vlaamse verstedelijkte omgeving: contradictio in terminis?

Net als in Nederland is ook in het dichtbevolkte en sterk verstedelijkte Vlaanderen natuurbeleid geen evidente opgave. En net als in Nederland poogt ook Vlaanderen aan de ene kant serieus werk te maken van de broodnodige vergroening van zijn grondgebied, terwijl het aan de andere kant klem zit door de alsmaar toenemende ruimtedruk.  

De uitdagingen

Allereerst het minder goede nieuws: volgens rapportage van het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO) staat de natuur in Vlaanderen er niet florissant bij. De oorzaken hiervoor zijn voor Nederlanders vrij herkenbaar: klimaatverandering, invasieve soorten, verstedelijking, vermesting en structurele verdroging. Ook voldoet Vlaanderen bij lange na niet aan de Europese 2020-doelstellingen voor natuur. Bijkomend euvel, maar typisch voor de Vlaamse landinrichting, is de versnippering van de natuurgebieden: 25% van de natuurgebieden is kleiner dan 10 ha. en slechts ongeveer 10% is groter dan 1000 ha.

Ambitieus Vlaams natuurbeleid

Dan het goede nieuws: al onder Minister Schauvliege (Minister van Natuur van 2009-2019) vond er in Vlaanderen een kentering plaats ten faveure van gebiedsuitbreiding voor natuur. De huidige minister van Natuur, mevrouw Zuhal Demir, is echter nog een versnelling hoger geschakeld. Zo heeft zij in 2 jaar tijd al de volgende plannen gelanceerd: een bosuitbreidingsplan (+4.000 ha tegen 2024 en +10.000 tegen 2030), een ‘Blue Deal’ in de strijd tegen droogte, een investeringsplan om natuur beter te verbinden (Vlaams Actieprogramma voor Ecologische Ontsnippering) en verschillende soortenbeschermingsprogramma’s (SBP’s).

Ook vallen er dankzij ruimere budgetten steeds meer gronden onder een vorm van natuurbescherming (pag. 79-80). In totaal geldt dit voor 26% van de Vlaamse oppervlakte, waarvan 12% een (inter)nationaal natuurbeschermingsstatuut geniet, 2% onder het strikte statuut van natuur- of bosreservaat valt en de resterende 12%  op een andere manier natuurgericht beheerd wordt.

De ‘Blue Deal’ werd in 2020 gelanceerd door Minister Demir (zie ook ons bericht hierover) en  bevat een 70-tal maatregelen in strijd tegen de (zomer)droogte, die Vlaanderen harder treft dan veel andere gebieden in Europa, maar heel opvallend ook meer dan Nederland of Wallonië. In eerste instantie is voor deze ‘Blue Deal’ een budget van 75 miljoen euro voor vrijgemaakt. De Blue Deal is gericht op “extra moerassen en natte graslanden, de strijd tegen lekverliezen, de ontharding van onze steden, meer grootschalige infiltratie- en bufferbekkens, circulair watergebruik in landbouw en industrie, noem maar op.”, aldus de Minister.

Ook opvallend is dat in 2020 het maatschappelijke bewustzijn in Vlaanderen rond het belang van lokaal groen sterk is toegenomen. Zo hebben de reisbeperkingen van afgelopen jaar onder invloed van de Corona-pandemie veel Vlamingen de lokale natuur doen herontdekken, wat ook goed geïllustreerd wordt door het toegenomen aantal leden van (+7%) en giften aan (+10%) de milieuorganisatie Natuurpunt.
 

Hallerbos in de lente
©Canva

Bos-/boomaanplantingen

Het kan moeilijk ontkend worden: Vlaanderen is bosarm. Slechts 10,3% (140.000 ha) van de Vlaamse oppervlakte is bebost en daarmee scoort Vlaanderen ook in Europese context uitermate slecht. Met gronden als schaars goed is de beschikbare ruimte voor bosuitbreiding in Vlaanderen zeer beperkt. De ambitie van 10.000 ha extra bosareaal tegen 2030 wordt dan ook niet als realistisch beschouwd. Ondanks het feit dat boscreatie in Vlaanderen erg moeilijk ligt, vonden er afgelopen jaar wel een paar interessante (particuliere) initiatieven plaats voor de aanplant van bomen. Zo plantten jagers uit Limburg 24.000 hagen en bomen (vergelijkbaar met 12 ha bos of 16 km haag) ter verbetering van de lokale biotoop van flora en fauna. Ook fruittelers uit de streek Haspengouw plantten 17.000 struiken (goed voor 5,5 km haag) voor meer biodiversiteit, met financiering van de provincie Limburg.

Biodiversiteit
©Canva

Promotie van natuurlijke tuinen

Ook particuliere tuinen vormen een terrein voor welke de Vlaamse overheid beleid heeft uitgerold ter versterking van de natuur. Met 9% van het Vlaamse grondgebied zijn tuinen qua omvang een niet te verwaarlozen oppervlakte. In samenwerking met de hele Vlaamse tuinsector heeft Vlaamse minister Demir een ‘Green Deal Natuurlijke Tuinen’ opgesteld om de Vlaamse tuinen groener en biodiverser te maken. De Green Deal richt zich op het gebruik van inheemse planten, ontharding van de oppervlakte voor verbeterde waterinfiltratie, betere bodems door gebruik van lokale compost en beter maaibeheer, als ook op de realisatie van voorbeeldtuinen.

 

Bloemenstrook bij akker
©Canva

Natuurbeheer door landbouwers

Landbouwgronden vertegenwoordigen met 46% de grootste categorie van landgebruik. Door middel van beheerovereenkomsten (BO’s) en Ecosysteemdiensten (ESD) probeert de Vlaamse overheid landbouwers te betrekken bij natuurbeheer, hen daarvoor te vergoeden en zo een win-win situatie voor beide partijen te creëren.

Beheerovereenkomsten ter verbetering van de biodiversiteit lopen via de Vlaamse Landmaatschappij (VLM). In 2020 hadden meer dan 3.800 landbouwers een BO met de VLM. In totaal stond ruim 12.000 ha landbouwgrond onder zo’n BO.

Ecosysteemdiensten zijn nog relatief onbekend, maar desondanks streeft de Vlaamse overheid ook hiermee ernaar landbouwers te vergoeden voor de levering van deze diensten. 

Behalve eigen initiatieven om landbouwers aan te zetten tot natuurvriendelijker te ondernemen, kijkt Vlaanderen ook naar het nieuwe Gemeenschappelijk Landbouwbeleid voor mogelijkheden rond onder andere bodemmanagement, koolstofopslag en stikstof.

Heide met hert Hoge Kempen
©Canva

Spanning tussen landbouw en natuur

Vlaanderen telt sinds 2006 1 nationaal Park (Nationaal Park Hoge Kempen) met een oppervlakte van 12.500 ha (enorm voor Vlaanderen, maar klein vanuit Europees perspectief). De huidige Vlaamse regering heeft de ambitie uitgesproken om in de huidige regeerperiode (2019-2024) 4 nieuwe nationale parken in te stellen, plus 10.000 ha bos tegen 2030 (waarvan 4.000 ha tegen 2024) en 20.000 ha natuur onder effectief natuurbeheer, dit tot grote zorgen van de landbouwsector. Want net als voor de natuur is ook voor de landbouwsector grond een schaars productiemiddel.

Inmiddels hebben de eerste plannen voor 2 nationale parken (Noorderkempen en Brabantse Wouden) het licht gezien. Voor het eerste park zou de Vlaamse overheid volgens boerenorganisaties moeten overgaan tot de aankoop van 1.500 ha en voor het tweede park van 500 ha. Gezien de schaarsheid aan gronden met bijbehorende opwaartse prijsdruk hebben Vlaamse landbouwers steeds meer het ongemakkelijke gevoel in de verdrukking te komen. Ter illustratie hiervan is de Vlaamse Boerenbond (16.000 leden) een campagne begonnen onder de hashtag #geefboerenruimte.
Bovendien heeft grondschaarste het zelfs tot een politiek gevoelig thema geschopt: het Gewest Brussel had eind 2020 plannen om in Vlaams- en Waals-Brabant gronden aan te kopen om zo een deel van de Brusselse bevolking via de korte keten te kunnen voeden. Dit werd door lokale landbouwers aldaar opgevat als ‘landje-pik’ in een ander gewest, en het Gewest Brussel heeft haar plannen dan ook onder grote druk van Vlaamse en Waalse politici weer moeten intrekken.

Wat betreft stikstof dringt de vergelijking met Nederland zich ook op: de Vlaamse natuur heeft eveneens veel te lijden onder verzuring door stikstof, waarbij vaak de link met intensieve landbouw wordt gelegd.  Met het oog op de opstelling van een definitieve Programmatorische Aanpak van Stikstof (PAS) heeft Vlaamse minister Demir (Milieu) in januari 2021 een expertpanel benoemd om de regering te adviseren bij de opstelling hiervan. Daarbij heeft ze aangegeven een beroep te willen doen op de Nederlandse ervaring in deze materie. En analoog aan Nederland, heeft Vlaanderen sinds eind februari 2021 inmiddels ook zijn beruchte stikstofarrest.

Marktkansen voor Nederlandse ondernemingen

Via subsidies wil de Vlaamse regering de natuur in Vlaanderen stimuleren. Gezien de beperkte mogelijkheden voor gebiedsuitbreiding is er een grote behoefte aan innovatieve ideeën en instrumenten.

Vooral de ‘Blue Deal’ met een initieel budget van 75 miljoen euro biedt mogelijkheden voor Nederlandse innovatieve ondernemers.
Eén van de maatregelen betreft de vernatting van de natuur om zo de infiltratie van water in de bodem te verbeteren en om vervolgens het water beter vast te houden. In dit kader stelt Vlaanderen 17 miljoen euro ter beschikking als subsidies voor projectideeën van particulieren, ondernemers en lokale overheden. De deadline voor het indienen van deze projectideeën is 1 mei 2021, maar de uitkomst van deze projectoproep kan interessante kansen bieden voor Nederlandse toeleveranciers.

Verder worden er ook op provinciaal niveau groepsaankopen georganiseerd voor plantgoed, bloemenzaad en nestkasten ter bevordering van de biodiversiteit, bijv. door de provincies Oost-Vlaanderen en Limburg.

Daarnaast kunnen Nederlandse ondernemers ook inspelen op de marktkansen die de ‘Green Deal Natuurlijke Tuinen’ biedt. Vooral innovatieve ideeën voor de ontharding van tuinen en aanleg van vijvers, wadis etc. zijn kansrijk.